Kommagetallen groep 7: plaatswaarde, optellen en aftrekken
In groep 7 leert een kind kommagetallen tot op honderdsten nauwkeurig lezen en ordenen, en ermee op te tellen en af te trekken.
Na de komma staat eerst het aantal tienden, dan het aantal honderdsten: in 4,26 staat de 2 voor twee tienden en de 6 voor zes honderdsten. Om twee kommagetallen te vergelijken, worden eerst de getallen vóór de komma vergeleken, en pas bij gelijkheid de cijfers erna, van links naar rechts.
Optellen en aftrekken met kommagetallen werkt het overzichtelijkst als de komma's precies onder elkaar staan, net als bij optellen zonder komma de eenheden onder elkaar staan.
Voorbeeld
Reken uit: 3,4 + 2,65. Onder elkaar gezet, met de komma's gelijk: 3,40 (aangevuld met een nul) plus 2,65 is 6,05.
Veelgemaakte fout
Een veelgemaakte fout is 3,4 vergelijken met 2,65 alsof '4' kleiner is dan '65', zonder te beseffen dat 3,4 hetzelfde is als 3,40 en dus groter is dan 2,65. Ook worden komma's bij het optellen soms niet onder elkaar gezet, waardoor tienden per ongeluk bij honderdsten worden opgeteld.
Tip
Laat een kind een kommagetal met te weinig cijfers na de komma altijd eerst aanvullen met een nul (3,4 wordt 3,40), zodat vergelijken en onder elkaar optellen minder foutgevoelig wordt.
Veelgestelde vragen
Waarom is 3,4 groter dan 2,65, ondanks dat '4' kleiner lijkt dan '65'?
Omdat je eerst de cijfers vóór de komma vergelijkt: 3 is groter dan 2, dus 3,4 is sowieso groter dan 2,65, ongeacht wat er na de komma staat. Vergelijk de cijfers na de komma alleen als de cijfers vóór de komma gelijk zijn.
Wat betekenen de cijfers na de komma precies?
Het eerste cijfer na de komma geeft het aantal tienden aan, het tweede het aantal honderdsten, het derde het aantal duizendsten, enzovoort: elke stap naar rechts is tien keer kleiner.