Denkfout · Spelling
Gebeurd of gebeurt? De eindletter van het voltooid deelwoord
Wat het kind doet
Het voltooid deelwoord met een d geschreven waar een t hoort, of andersom.
Waarom kinderen dit doen
Aan het eind van een Nederlands woord klinken d en t precies hetzelfde: gebeurd en gebeurt zijn in de uitspraak één woord. Het kind kan hier niets horen en moet dus een omweg nemen ('t kofschip, of de verleden tijd maken), en omwegen kosten tijd die er tijdens het schrijven niet lijkt te zijn.
Hoe je het herkent
De eindletter van het deelwoord wisselt willekeurig (gebeurt, verhuist als deelwoord), terwijl dezelfde werkwoorden in andere vormen goed gaan. De fout zit vrijwel altijd aan het woordeinde, nooit middenin.
Wat een leerkracht ermee kan
Dit is 't kofschip. Laat het kind de verleden tijd hardop maken: reisde of reiste. De letter die je daar hoort, staat ook aan het eind van het deelwoord.
Wat je er thuis aan kunt doen
Laat het kind de verleden tijd hardop zeggen: het gebeurde, dus een d; het fietste, dus een t. De letter die je daar hoort, staat ook aan het eind van het deelwoord. Hardop; in het hoofd verdwijnt juist het geluid waar het om gaat.
Wat Juf Eva vraagt
Maakt een kind deze fout in Eduvaya en is het antwoordpatroon herkend, dan vraagt Juf Eva: “Maak de verleden tijd eens hardop. Hoor je daar een d of een t?” Een vraag, geen antwoord: de volgende stap blijft van het kind.
Dat dit antwoord bij deze denkfout hoort, is vooraf uitgerekend. Of het kind ook zo dacht, staat niet vast. Of zo'n toegekende denkfout klopt met wat een echt kind werkelijk dacht, is nog niet gemeten; dat is precies wat de pilot moet uitwijzen.